imageimageimageimageimageimageimageimage
imageimageimageimageimageimageimageimage

Full Circle Blog

De Full Circle vaart in 2017 over de Indische oceaan. Lees de avonturen van Paul & Monique en hun gasten.

Sail Fast Live Slow (SFLS)

Onthaasten, relaxen, ouwenelen, lachen, huilen, gieren, brullen.


3 jonge godenNormaal gesproken staan wij rond deze periode op de lange latten (al 30 jaar lang). Een keertje naar Moos en Tarvo lijkt ons ook wel eens leuk. Eigenlijk begon deze optie al snel te kriebelen.., en begon ik onze globetrotters te appen. Het duurde niet lang eer dat we een uiterst enthousiast appje terug kregen. Het devies was “skiën kun je altijd nog maar de full circle kiest nog slechts een half jaartje het ruime sop..”
Op nog geen 11uurtjes van Nederland (dat is hetzelfde als met de auto, zonder file, naar de sneeuw -😉) liggen de Windward Islands. De warmte overvalt ons direct en al gauw sta ik me te ontdoen van m'n trui en overhemd. Met Kevin op naar Rodney Bay op St. Lucia en afgesproken bij Cafe Ole. Eerst ff een polo-tje met shorts aantrekken. ‘No pressure No problem and Take it easy’
Al gauw zien we twee uiterst bruin getinte kanjers met een smile van oor tot oor ons op wachten. Een aantal innige omhelzingen volgden daarop. Terwijl ik Kevin nog even strak instrueerde een paar glazen te scoren, immers die twee hadden het glaswerk aan diggelen gegooid. Hoe krijg je dat nou voor elkaar…., terwijl we net op voorwaarde een zestal zalige vino’s uit Nederland in de koffer Bequiahad meegenomen. Hahahaha….
In een zeer fraaie baai op St. Lucia ligt de Full Circle al op ons te wachten. Een nostalgische krachtpatser die er al meer dan 55.000 nautische mijlen opzitten. Tezamen met skipper Tarvo en 2e skipper Moos een uiterst safe combi en passend als een “winterjas”. Tijdens een zalige borrel met dito happen praten we onze herinneringen bij. We babbelen ook tijdens het diner door totdat we prikoogjes krijgen…
’s Morgensvroeg duik ik de Oceaan in en maak een “Full Circle”. Met een zalig fruitontbijtje blaast de wind ons van Rodney Bay naar Soufriere. Onderweg worden we vrijwel direct geconfronteerd met een aantal dolfijnen die hun weg richting Martinique vervolgen. St. Lucia is een zeer groen, paradijselijk vulkanisch eiland met fraaie baaien en sprekende blije trotse mensen. Met de dinghy gaan we naar de wal om matroos Rob en Marjanne op te pikken. Met een fles champagne doen we onze herinneringen nog eens dunnetjes over en sluiten we vroeg de ogen.
Met zicht op de Pitons drinken we een bakkie koffie cq. een gember thee. Je kan het slechter treffen -😉..wat een ongelofelijke mooie omgeving krijgen we getrakteerd. Onderwijl krijgen we te maken met de zeiklijst en krijgen we de briefing voor de komende zeildagen. We zullen gaan kennismaken met St. Lucia, St. Vincent and the Grenadines, en Bequia (het favoriete eiland van tarvo en moos).

FunSt Vincent and Grenadines uit het leven gegrepen.


Het is ochtend in Kingstown, de hoofdstad van Saint Vincent. De loopplank van het schip de Bequia Express IV laat een gepiep van metaal op metaal horen terwijl het schip op en neer deint naast de kade. Het geluid is door het geroezemoes van de haven nauwelijks te horen. Het overgeschilderde opschrift “Andfjord-Ferga, Tromsø” herinnert nog aan het vorige leven van het schip, in een minder zacht klimaat. Er staan dozen met eieren opgestapeld, meubelen, Miezauto’s op het benedendek. Dit zijn niet echt de Caraïben zoals je ze voorstelt. Geen parelwit strand waar slechts een tweetal voetsporen op het onbesmette zand te zien zijn. Om dit te zien moet je de boot nemen en de Grenadines met de Full Circle bevaren, en uiteraard de wind zijn gang laten gaan pas dan zie je de ware Grenadines. Deze wind komt steevast uit het Oosten met lichte nuances!

Deze eilandengroep is bijna het Caribisch gebied in het klein. De Grenadines liggen uitgestrekt als een parelketting over 112 kilometer aan blauwe zee tussen Saint Vincent en Grenada. Het grootste deel van de eilandengroep hoort bij Saint Vincent. Dat land heeft samen met de Grenadines een vreemde dubbele identiteit. Het bergachtige hoofdeiland, en verrassend mooi, kent weinig toerisme buiten de zuidkust, omdat het vooral zanden met zwart zand heeft, terwijl de paradijselijke Grenadines exclusieve oorden omvatten zoals Mustique, Tobago Cays en Mopion, dat slechts bestaat uit een hoopje zand met een parasol van palmbladeren erop. En dan ja dan heb je Bequia (spreek uit: bekwee), het eiland dat het dichtst bij Saint Vincent ligt. Een waar nog relatief onbekend paradijs, alhoewel ook al aangedaan door TUI cruiseboten..
SunsetNadat de laatste auto op de Bequia Express IV is gereden, verlaat het schip Kingstown langs een landtong in de vorm van een slapende hond. Boven ons cirkelen fregatvogels. De meeste bezoekers van Bequia arriveren tegenwoordig in een vliegtuig, maar de veerboot is een betere voorbereiding op het ritme van het leven op een klein eiland. Op het bovendek zit een man met een dreadlockbaard en een tas waar rastafari-icoon Keizer Haile Selassie op staat afgebeeld. Daarnaast zitten twee oudere vrouwen in nette jurken met strohoeden op. We varen langs Young Island, waarop de ruïnes van het 18de-eeuwse fort nog net zichtbaar zijn, en vervolgens langs de onbewoonde eilanden Bettowia en Baliceaux, voordat we de haven van Bequia invaren.
Op het eerste gezicht ziet Bequia er haast onbewoond uit. Maar wanneer de boot Admiralty Bay indraait zien we een stuk of honderd zeilboten voor anker liggen. Achter de boten, in een amfitheater van heuvels, zijn de blauwe, groene, oranje en witte daken van Bequia’s hoofdstad Port Elizabeth te zien. We hebben het enorm naar het zin en zien en paar parelwitte stranden opdoemen. We zwemmen de komende 3 dagen steevast ’s morgen naar het strand om vervolgens met onze lieve vrienden een vorstelijk ontbijt te nuttigen.


Het nautische leven van Bequia werd al gevormd ver voordat het toerisme zijn intrede deed. Een stukje van deze cultuur is te zien als je vanuit de haven iets naar het zuiden loopt, ziet een Model Boat Shop. In de winkel, die vol staat met modelzeilbootjes, Voor de 18de eeuw stond Bequia onder de inheemse Caribische volken al bekend om de bomen die er groeiden, die van goede kwaliteit waren om boten van te maken. Later bouwden de Engelsen hier ook schepen. Bequia werd in het Caribisch gebied beroemd om zijn scheepsbouw. En ook al is de vraag naar grote houten vaartuigen de laatste tijd flink afgenomen, toch leeft een deel van de nalatenschap voort. Jongeren maken nog steeds zeilboten van kokosnoten, waarmee ze wedstrijden houden terwijl ook de zeilwedstrijden van de Bequia Easter Regatta worden gehouden, naar ik begreep.
Je hebt trouwens niet je eigen zeilboot nodig om de schoonheid van de kust van Bequia te bewonderen. Bij Lower Bay is het fluweelachtige strand rustig genoeg om groene krabben te ontwaren die uit hun holletjes in het zand kruipen en je aankijken met hun kraalogen. Aan de oostkust van het eiland ligt Industry Bay, een baai die een naam heeft die absoluut niet past bij de rust die er heerst. Het enige wat beweegt zijn de zwaaiende palmbladeren en de golven die een eenzame kokosnoot eindeloos heen en weer spoelen op het zand. Wanneer een stelletje langs loopt lijken ze verrast om me te zien, maar groeten Uitje op St. Vincentze me joviaal. De golven spoelen al spoedig onze voetsporen weg. De Admirality Bay langs een paadje aflopen is een absolute aanrader. Met aan de ene kantWallilabou het kabbelende zeewater en aan de andere kant de barretjes, restaurantjes, winkeltjes, kraampjes welke Bequia een unieke sfeer meegeven.
Als ik terugkom in Port Elizabeth, loopt de dag al weer op zijn einde. In de achterafstraatjes worden potjes straatvoetbal gespeeld. In de barretjes klinkt nagenoeg overal de muziek van Bob Marley (Reggae) , en buiten op straat staat een stel jongens en mannen een balletje hoog te houden. Natuurlijk komt de bal op het blikken dak van de bar terecht. Rustig rolt hij naar de rand en blijft daar liggen. De jongste speler wordt het dak op geholpen en al snel heeft hij de bal weer in het spel gebracht. We kunnen deze relaxed-heid maar nauwelijks voorstellen in onze westerse wereld. Ik gun mezelf dan ook een t-shirt met opschrift Sail Fast Live Slow als aandenken.
Morgen is het tijd om terug te varen naar het “grote eiland” St. Lucia via St Vincent, maar vandaag ga ik nog genieten van een laatste zonsondergang op ONS eiland van ongekende schoonheid en val voldaan in slaap..
We hebben enorm genoten van elkaars gezelschap, heerlijke ontbijtjes, lunches, diners, schoonheid van de eilanden, breakouts, wind, zon, zee en stranden.


Dank TARVO & MOOS for a never forget holiday & SAIL AWAY!


Michel

Is de Carieb leuk ?
We gaan........... voor het te laat is